glasvezel
Een glasvezel is een haardunne draad van glas waar licht doorheen reist. Zo verstuur je gegevens razendsnel over lange afstanden, tot onder de oceaan toe.
Een glasvezel is een draad van glas, dunner dan een haar, waar licht doorheen reist. Gegevens worden omgezet in lichtflitsen, die door de vezel naar de andere kant gaan en daar weer worden omgezet in gegevens. Het internet loopt voor een groot deel via glasvezel.
Hoe werkt het?
Het licht blijft in de vezel doordat de kern van het glas anders op licht reageert dan de mantel eromheen. Het licht kaatst telkens tegen de rand terug en volgt zo de bocht van de vezel. Een apparaatje, een modulator, zet elektrische signalen om in lichtsignalen, en aan de andere kant zet een ontvanger ze terug.
Vergeleken met koperdraad verliest licht in glasvezel veel minder signaal over afstand en maakt het veel minder warmte. Je kunt er ook verschillende kleuren licht tegelijk doorheen sturen, elk met een eigen datastroom.
Waarom het ertoe doet
AI-datacenters hebben duizenden chips die continu gegevens uitwisselen, en glasvezel is daarvoor onmisbaar vanaf ongeveer een meter. Japanse onderzoekers bouwden een onderdeel van 0,3 millimeter dat elektrische signalen omzet in licht, met piepkleine gaatjes die het licht afremmen. Het werkt op lage spanning, is daardoor veel zuiniger en verstuurt tot 200 gigabit per seconde (link). Op een grote datacenterbeurs in de VS lieten drie bedrijven een werkend serverrek zien waarin chips via licht met elkaar praten, met de lichtonderdelen direct naast de rekenchip (link).
Ook over lange afstanden schuift er veel. Chinese onderzoekers stuurden 3,2 petabit per seconde door één glasvezel met 24 kernen (link). Meta legt tussen de Verenigde Staten en Frankrijk een zeekabel aan waarin elke vezel twee lichtkanalen krijgt in plaats van één. Dat levert volgens Meta 1 petabit per seconde op, twee keer zoveel als de beste kabels nu (link).
Artikelen over glasvezel
-
Duits bedrijf maakt molecuul dat quantuminformatie bewaart en met licht kan doorgeven
Het Duitse bedrijf NVision en onderzoekers uit Ulm en Jeruzalem beschrijven in Nature een molecuul van koolstof en waterstof dat quantuminformatie bewaart en met licht kan doorgeven. Zo'n bouwsteen kan later quantumcomputers aan elkaar koppelen.
-
Chinees team stuurt 3,2 petabit per seconde door één glasvezel
Chinese onderzoekers stuurden 3,2 petabit per seconde door één glasvezel met 24 kernen, en de apparatuur verwerkte alles meteen. Dat is een record voor zulke realtime metingen en kan straks helpen om datacenters voor AI sneller met elkaar te verbinden.
-
Gaatjes die licht afremmen maken kleine Japanse chip voor glasvezel veel zuiniger
Japanse onderzoekers bouwden een onderdeel dat elektrische signalen omzet in licht, met piepkleine gaatjes die het licht afremmen. Het is 0,3 millimeter lang, werkt op lage spanning en verstuurt tot 200 gigabit per seconde. De volgende stap: minder licht verliezen onderweg.
-
Startup wekt voor het eerst stroom op met een centrale op de zeebodem, bij een onderwatervulkaan
Endurance Energy liet op anderhalve kilometer diepte een kleine aardwarmtecentrale draaien op de hitte van een onderwatervulkaan. Een paar seconden lang leverde hij meer stroom dan hij zelf gebruikte. Deze winter volgt een sterkere versie.
-
Meta laat zeekabel bouwen met twee lichtkanalen per glasvezel: twee keer zoveel data over de oceaan
Meta laat tussen de Verenigde Staten en Frankrijk een zeekabel aanleggen die 1 petabit per seconde kan vervoeren, volgens Meta twee keer zoveel als de beste kabels nu. Het geheim: elke glasvezel heeft twee lichtkanalen in plaats van één. De kabel moet in 2029 werken.
-
Werkend AI-serverrek laat chips via licht praten, met de optiek vlak naast de chip
Drie techbedrijven lieten op een grote datacenterbeurs in de VS een werkend serverrek zien waarin chips via licht met elkaar praten, met de lichtonderdelen direct naast de rekenchip. Dat kan AI-datacenters veel zuiniger maken. De volgende stap is productie op grote schaal.
-
Zacht vel meet hoe het buigt en draait
Onderzoekers van MIT maakten een zacht, rekbaar vel met lichtgeleidende vezels dat meet hoe het buigt en draait. Een computer maakt daar een 3D-model van, tot op minder dan een halve centimeter nauwkeurig. Het kan later helpen bij fysiotherapie, games en robots.